Uiltje knappen

Steenuil (Athena noctua) vrouwtje en jong
Steenuil (Athena noctua) vrouwtje en jong

Een tijdje terug blogde ik al dat ik samen met Caroline en STONE op stap was geweest om nestkasten voor steenuilen te onderzoeken op broedsucces. Ik liet toen een foto zien van een net geboren uilskuiken en in dit blog laat ik jullie graag wat meer foto’s zien.

Steenuil (Athena noctua) vrouwtje
Steenuil (Athena noctua) vrouwtje

De steenuil (Athena noctua) is de kleinste uilensoort in Nederland. Met een lichaamsgrootte van 21 – 23 cm en een vleugelspanwijdte van 54 – 58 cm is hij nauwelijks groter dan een merel. Hoewel de uil zijn oorsprong kent in half-woestijnen en steppen zoekt hij in Nederland altijd de weidelandschappen op met oude knotwilgen en hoogstamboomgaarden. Hier vindt de steenuil de combinatie van geschikte jachtgebieden in open terrein met korte vegetatie, geschikte zit- en schuilplaatsen en een breed aanbod aan potentiële nestholten in oude bomen, gebouwen en tegenwoordig in speciale nestkasten.

Er zijn nog maar weinig oude knotwilgen en hoogstamfruitbomen zijn niet meer gewenst gezien de huidige arbonormen. Dus om de steenuil te helpen aan nestmogelijkheden plaatsen vrijwilligers kasten zodat de uil ook in laagstambomen en normale bomen een nest kan maken.

Vleugel van steenuil (Athena noctua)
Vleugel van steenuil (Athena noctua)

Tijdens onze ronde met STONE hebben wij alle stadia gezien. Er was een nest met eieren (jammer genoeg verlaten), een nest met kersverse jongen, een nest met vliegklare jongen en de versie er tussen in. Het was prachtig om deze vogels eens van dichtbij te zien, maar ook hoe betrokken de erfeigenaren zijn met hun uilen.

Nestkast inspectie voor steenuilen.
Nestkast inspectie voor steenuilen.
Advertenties

Luipaard

Luipaard (Panthera pardus) close-up.
Luipaard (Panthera pardus) close-up.

Met 80km per uur vliegt de 4wd jeep over de savanne. Na vier dagen lang wachten is er eindelijk een luipaard gespot en onze gids Sami doet er alles aan dat we haar ook gaan zien. Het gras is zeiknat van de regen en de auto schiet van links naar rechts op zoek naar grip tot dat we harde grond bereiken en de auto met een flinke ruk in een spoor komt en flink wat stof doet opwaaien. Van hobbel naar hobbel stuiteren we over het onverharde pad richting de rivier waar we elke dag zijn geweest, op zoek naar de illustere luipaard.

Volgens Sami leven er meer luipaarden (Panthera pardus) in de Masaai Mara dan leeuwen (Panthera leo), maar ze zijn veel moeilijker te vinden. Hun vacht geeft het dier de perfecte camouflage en omdat ze eigenlijk alleen ’s ochtends vroeg of ’s avonds laat jagen zijn ze ook maar op beperkte tijden te vinden in het open veld.

Luipaard (Panthera pardus) rustend in het gras.
Luipaard (Panthera pardus) rustend in het gras.

Als wij de bocht omkomen scheuren zie ik de andere jeep van onze groep er al staan en de luipaard zit als een huiskat te poseren voor de camera. Het oogt zeer vreemd dat dit zo illustere dier nu opeens als een normale kater in het gras zit.

Luipaard (Panthera pardus) besluipt prooi.
Luipaard (Panthera pardus) besluipt prooi.

Niet veel later besluit ze op pad te gaan en zien we haar wegsluipen richting de impala’s die wij net voorbij zijn gescheurd zonder ze ook maar een blik waardig te gunnen. Langzaam loopt ze door het hoge gras en sluipt steeds dichterbij maar echt tot jacht overgaan doet ze niet. Nog even hoopte ik op een wonder toen een stel impala’s elkaar achter na zat, precies in een lijn richting onze luipaard maar ook dit kon haar niet overhalen tot actie.

Terwijl de zon snel richting de horizon zakt spoeden wij ons weer naar kamp met ditmaal eindelijk foto’s van deze prachtige kat.

Luipaard (Panthera pardus) zittend in het gras.
Luipaard (Panthera pardus) zittend in het gras.
Luipaard (Panthera pardus) komt vanuit de struiken.
Luipaard (Panthera pardus) komt vanuit de struiken.
Luipaard (Panthera pardus) lopend door het gras.
Luipaard (Panthera pardus) lopend door het gras.

Cover natuurfotopassie

Cover natuurfotopassie
Cover natuurfotopassie

De laatste editie van Natuurfotopassie kwam vandaag binnen met op de cover een van mijn walrusfoto’s (Odobenus rosmarus). De meeste van mijn foto’s belanden op facebook, mijn site, hier op het blog en enkelen in eenfotoboek dat ik maak, maar het leeuwendeel zie ik eigenlijk bijna niet terug in print. Daarom is het erg leuk om zo een van je foto’s op de mat te krijgen.

Als je geïnteresseerd bent in natuurfotografie is Natuurfotopassie een leuk blad om te lezen. De focus van het blad ligt op het inspireren van de lezer met mooie artikelen en fotografie. Veel droge theorie of apparatuur reviews zul je er dus niet in vinden. Voor mij is het de perfecte balans. Reviews kun je beter online lezen en ik ben vooral opzoek naar mooie foto’s ondersteund met verhalen.

Maasai Mara – Kenia

Topi (Damaliscus korrigum) bij zonsopkomst.
Topi (Damaliscus korrigum) bij zonsopkomst.

De zon begint net te klimmen als we in de jeep stappen en Sami, onze gids, de motor start. Het geluid van krekels, vogels en nijlpaarden wordt nu overstemd door de ruwe kracht van een dieselmotor die ons pruttelend dieper de Mara in brengt.
In de schemer duikt de auto een bedding in, instinctief zet ik me voet al schrap tegen de deur om te voorkomen dat ik straks van mijn stoel glijd omdat het regenseizoen de rivier elke dag verder uitslijt en de jeep doet schudden bij elke nieuwe put die hij treft.

Het mistig in de Mara vanochtend en als de zon net boven de horizon klimt ontstaat er een grote rode nevel op de vlakte. Gelukkig staat er een Topi in de buurt die een goed bruikbaar onderwerp vormt in zulk licht. Als de zon hoger klimt en de nevel langzaam wegbrandt zie je het uitgestrekte savannegebied van het grote Mara-Serengeti ecosysteem.

Uitzicht over de savanne van de Mara.
Uitzicht over de savanne van de Mara.

Aan deze kant van de evenaar bestaat de westerse wereld even niet meer. Geen nieuws, geen haast, geen stress. Je wordt ’s ochtends om half 6 wakker om kort te douchen, een kop thee te drinken en dan de Maasai Mara in te trekken op zoek naar het wild. Het enige moment dat je een soort van verbonden voelt met je “vorige leven” is het moment dat je je geheugenkaartjes moet leegmaken omdat je geen ruimte meer hebt na al het moois wat je hebt gezien.

Henry, onze Maasai gids en chauffeur.
Henry, onze Maasai gids en chauffeur.

Elke ochtend werd het ontbijt geserveerd in het veld, de ene keer keek je uit op nijlpaarden, de andere keer zag je twee cheetahs aan de horizon liggen. En hoewel ik geen groot fan ben van warmte, moet ik zeggen dat Afrika ook mij heeft overtuigd van zijn pracht en praal.

Henry en Sami, onze Maasai gidsen maken het ontbijt klaar.
Henry en Sami, onze Maasai gidsen maken het ontbijt klaar.

Hoewel de meeste mensen de Maasai Mara kennen van de grote trek hadden Caroline en ik besloten om buiten dit drukke seizoen te gaan en ons vooral te richten op de katten die er leven en de dramatische luchten die je krijgt net voor het regenseizoen. Nadeel daarvan kan wel zijn dat je eens vast komt te zitten. Maar uiteindelijk voegt dit alleen maar smaak toe aan het avontuur.

Ook met 4WD kom je vast te zitten.
Ook met 4WD kom je vast te zitten.

Vanwege de extreem hoge waterstand van de rivieren konden we niet overal komen maar desondanks hebben we een geweldige week met veel wild gehad. Leeuwen, luipaard, cheetah, zebra, olifant, giraffe, hyena, antilopen, buffel, nijlpaarden en allerlei kleine vogels en dieren kruisten ons pad. Hieronder alvast een kleine impressie, later volgen er meer blogs.

Olifant bij zonsopkomst
Olifant (Loxodonta africana) bij zonsopkomst, Maasai Mara.
Luipaard (Panthera pardus), genaamd Bahati.
Luipaard (Panthera pardus), Bahati dochter van de beroemde Olive uit de BBC big cat diary.
Leeuw (Panthera leo) ligt te rusten.
Leeuw (Panthera leo) ligt te rusten.
Masai Giraffe (Giraffa camelopardalis tippelskirch) loopt door het hoge gras.
Masai Giraffe (Giraffa camelopardalis tippelskirch) loopt door het hoge gras.
Cheetah jaagt op jakhals.
Cheetah (Acinonyx jubatus) jaagt op jakhals (Canis aureus).

Foto van de maand – Februari 2013

Wilde zwanen (Cygnus cygnus) in vlucht.
Wilde zwanen (Cygnus cygnus) in vlucht.

De keuze voor een foto van de maand was dit keer niet erg moeilijk, want ik heb niet veel foto’s gemaakt afgelopen maand. Hoewel februari ons nog een prachtige dag met sneeuw schonk, heb ik bijna geen beeld geschoten. Wat ik zocht was er niet en wat ik vond bood mij eigenlijk totaal geen inspiratie.

In januari verloor ik mezelf helemaal in de reeën. En misschien kon daardoor op deze mooie dag in februari eigenlijk niks meer toppen aan dat gevoel. Het klinkt misschien raar om te zeggen dat je 5 uur door de sneeuw kunt ploeteren van oost naar west door de duinen zonder ook maar een geheugen kaartje vol te schieten. Maar toch is het zo.
Alleen de wilde zwanen (Cygnus cygnus) deden mijn hart sneller kloppen. In het verleden hebben ze dit al eerder gedaan. Een groot gedeelte van de winter van 2010 bracht ik door in hun gezelschap.

En eigenlijk is het ook helemaal niet zo erg zo erg om bijna geen foto te maken. Je loopt door een van Nederlands mooiste landschappen compleet met een dikke laag witte sneeuw en een heerlijk warm winters zonnetje.

Damherten en reeën in de sneeuw

Kleine sneeuwvlokken dwarrelen uit de lucht als ik de auto parkeer, ik trek mijn winterjas aan, tas op de rug en met statief in de hand loop ik het duin in. Hoe verder ik het duin in kom, des te meer sneeuw komt er uit de lucht. De wind waait straf en al snel vult een mooi wit beeld mijn sensor als ik een testfoto maak. Oh man waar zijn de herten? Ik heb hen zo erg nodig nu!

Damhert (Dama dama) in sneeuwbui.
Damhert (Dama dama) in sneeuwbui.
Damhert (Dama dama) spitser in de sneeuw.
Damhert (Dama dama) spitser in de sneeuw.

Niet veel later tref ik de eerste damherten aan, prachtig gepositioneerd tegen een bosrand zodat de sneeuwvlokken goed uitkomen. Maar veel liefde is er niet tussen ons en al snel trekken de herten het bos in.

In de verte zie ik wat donkere stippen bewegen. Ik gooi mijn statief over de schouder, draai de zonnekap omlaag om niet een sneeuwduin te creëren tegen mijn lens en trek mijn capuchon over mijn hoofd. Tegen de wind in loop ik hun kant op en als ik wat verder ben merk ik dat het reeën zijn.

Reeën (Capreolus capreolus) sprong.
Reeën (Capreolus capreolus) sprong.

Waar reeën gewoonlijk alleen of in een paartje rondlopen vormen zij in de winter sprongen. En een sprong van deze grootte had ik al een tijd niet gezien! Nauwlettend houden ze mij in de gaten en mijn tempo vertraagt zich tot een enkele stap per minuut. Als acht paar reeën ogen je in de gaten houden kun je beter niet bewegen, bij een verkeerde beweging slaan ze op de vlucht en kun je de foto’s vergeten.

Reeën (Capreolus capreolus) op zoek naar eten onder de sneeuw.
Reeën (Capreolus capreolus) op zoek naar eten onder de sneeuw.

Ik besluit rustig te gaan zitten om te kijken wat ze doen. Oplettend eten de reeën door terwijl de sneeuw nu met bakken uit de lucht komt. Ik weet dat ik snel een foto zal moeten maken om het toppunt van de bui mee te nemen. Op mijn knieën schuif ik door de sneeuw dichterbij, elke keer goed oplettend hoe ze reageren. Tien minuten later heb ik de dieren prachtig in beeld en schiet ik er zonder zorgen honderden foto’s doorheen terwijl de sprong zich voor mijn neus tegoed doet aan hun winterkost.

Reeën (Capreolus capreolus) in de sneeuw.
Reeën (Capreolus capreolus) in de sneeuw.
Ree (Capreolus capreolus) graaft sneeuw weg om eten te vinden.
Ree (Capreolus capreolus) graaft sneeuw weg om eten te vinden.

Na een paar uur stil zitten lijken mijn knieën bevroren en als een man van 80 hink ik langzaam achteruit om de reeën niet te storen. Het licht neem zo hard af nu dat ik beter naar huis kan gaan om op te warmen. Thuis gekomen realiseer ik me dat ik te veel beeldmateriaal heb voor 1 blog. Mijn bezoekjes aan de reeën deze winter hebben aardig wat foto’s opgeleverd. Ik ben ondertussen begonnen met het opzetten van een klein boek helemaal gericht op de sprong met reeën die ik deze winter gevolgd heb. Als je interesse hebt laat het mij weten, dan houd ik je op de hoogte over de vorderingen van het boek.

Ree (Capreolus capreolus) in sneeuwstorm.
Ree (Capreolus capreolus) in sneeuwstorm.

Damhertenvacht

Damhert (Dama dama) bedekt met een laag sneeuw
Damhert (Dama dama) bedekt met een laag sneeuw

De koude wind bijt dwars door mijn kleding heen en ik trek de rand van mijn jas wat hoger. De winter meldt zich in de duinen en het is goed te voelen. Had ik toch maar wat thermo ondergoed aangetrokken denk ik bij mezelf als ik doorstap om warmer te worden. Op zo’n moment benijd ik de reeën en damherten om hun warme vacht.

Damhertvacht (Dama dama) van dichtbij.
Damhertenvacht (Dama dama) van dichtbij.

De dikke vacht van een damhert biedt genoeg bescherming tegen kou en vocht. Herten slapen in de winter gewoon op de sneeuw en na een flinke sneeuwbui zie je hen rondlopen met een prachtig wit dekentje. Toch lijkt het de herten niet te deren. Van een afstand lijkt de vacht van het hert op ons eigen haar: dikke draden die op elkaar liggen.

Macro foto van de vacht van een damhert (Dama dama).
Macro foto van de vacht van een damhert (Dama dama).

Kijk je van iets dichterbij, dan zie je dat onder die dikke draden een heel compacte deken zit van dunner haar die het damhert warm en droog houdt. De ondervacht bevat dikke haren gevuld met lucht, die als isolatielaag functioneert. De laag van haar dichter bij de huid is fijner van structuur en waterafstotend.

Macro foto van de ondervacht van een damhert (Dama dama).
Macro foto van de ondervacht van een damhert (Dama dama).

Benieuwd hoe ik deze foto’s gemaakt heb? Houd mijn blog dan in de gaten!

Foto van de maand – Januari 2013

Twee reeën opzoek naar voedsel onder de sneeuw tijdens een sneeuwbui.
Twee reeën opzoek naar voedsel onder de sneeuw tijdens een sneeuwbui.

De eerste sneeuw van januari 2013 bezorgde Nederland de langste file ooit. Zelf zat ik drie dagen lang in vergaderingen koffie weg te tikken om mijn verdriet te verdrinken. Mijn hoofd zat vol met opties om te gaan fotograferen, maar ik zou moeten wachten tot het weekend.
Gelukkig voorspelde de weerstations verse sneeuw op zondag en toen de eerste vlokken uit de lucht vielen sprongen Caroline en ik in de auto en reden we richting de duinen.

Ik vind het echt geweldig als er sneeuw valt in de duinen. En toen de eerste sneeuw van deze winter in december viel was ik er ook meteen bij. Ik kon nu alleen maar hopen op een herhaling van toen.
De harde wind zou in ons voordeel werken, dacht ik. Maar de damherten en reeën hadden ons snel in de gaten en lieten ons hard werken voor de juiste plaat. De autofocus vond de sneeuw ook helemaal geweldig en probeerde tot mijn ongenoegen op elk vlokje scherp te stellen wat hem erg goed lukte.

Bij sneeuwfoto’s moet de sneeuw goed zichtbaar zijn vind ik, dus we mikte per se op een aantal plekken waarvan we wisten dat de achtergrond ons zou helpen. Met de snijdende wind in je gezicht houd je de lens zo lang mogelijk omlaag om te voorkomen dat je een sneeuwduin in je zonnekap krijgt. Precies op het juiste moment richt je de lens op het dier en klik!

Ik hoef jullie niet te overtuigen dat ik met een zeer tevreden gevoel naar huis ging.

Wisenten in het duin

Wisent (Bison bonasus) in met sneeuw bedekte duinen.
Wisent (Bison bonasus) in met sneeuw bedekte duinen.

Zoogdieren zijn mijn favoriete onderwerp om te fotograferen, dus toen Carl vroeg of ik mee ging om Europa’s grootste land zoogdier, de wisent (Bison bonasus) op te zoeken kon ik niet weigeren. Al vijf jaar loopt de wisent door het duin langs onze kust in een project van PWN, Stichting Duinbehoud, ARK, FREE Nature en Stichting Kritisch Bosbeheer om hun gedrag te beoordelen en te zien wat hun invloed is op het landschap.

Drie jaar geleden waren Caroline en ik ook al wezen kijken met een excursie van PWN bij de Europese versie van de bizon. Toen regenden wij weg, maar het was super om ze te zien. Ditmaal hoopte ik tenminste op droog weer en stiekem op sneeuw en die wens werd vervuld!

Excursiegroep kijkt naar wisenten (Bison bonasus) in met sneeuw bedekte duinen.
Excursiegroep kijkt naar wisenten (Bison bonasus) in met sneeuw bedekte duinen.

In het met sneeuw bedekte Kraansvlak vonden wij onder leiding van boswachter Coen al snel de kudde wisenten. PWN organiseert excursies om de mensen de wisenten van dichtbij te laten zien en om te ervaren hoe de dieren reageren op mensen. Het is de wens om de wisenten uiteindelijk in meer gebieden uit te zetten zodat ze op dezelfde manier gebruikt kunnen worden als galloways en schotse hooglanders in het Nederlandse natuurbeheer.

Het aangezicht van zo’n groot dier kan je misschien doen slikken, een wisent is al snel 1.8 mtr hoog, maar zij ogen zeer vriendelijk. Galloways kijken standaard humeurig en kunnen enorm knorrig zijn. Maar tijdens ons korte bezoek graasde de kudde wisenten rustig door en kon ik mooi wat foto’s maken die zonder de boswachter waarschijnlijk nooit gelukt waren.

Ik hoop van harte dat ze straks langs onze gehele kustlijn lopen. Het zou mooi zijn als wij straks in Nederland onze eigen versie van de Amerikaanse prairie hebben in de duinen.

Wisent (Bison bonasus) in met sneeuw bedekte duinen.
Wisent (Bison bonasus) in met sneeuw bedekte duinen.

Vossenpoep

Rode vos (Vulpus vulpus)
Rode vos (Vulpus vulpus)

Een blog over vossenpoep? Er is vraag naar kan ik je vertellen. Aan het eind van elk jaar krijg ik van wordpress een email met daarin een samenvatting van mijn statistieken. En wat blijkt, vossenpoep is een van de meest gebruikte zoektermen voor mijn blog. Dus om er voor te zorgen dat mijn bezoekers ook vinden wat ze zoeken, een blog helemaal gericht op vossenpoep. Daarnaast ben ik sinds kort in het bezit van een macrolens en ik had een onderwerp nodig om deze op te testen.

Als je weet hoe vossenpoep eruit ziet en waar je moet kijken dan valt vossenpoep snel op. Vossen gebruiken verhogingen in het landschap om hun drollen op te plaatsen zodat de concurrentie weet dat het gebied bezet is. De ene keer ligt het subtiel bovenop een molshoop midden op het pad. De andere keer misschien iets meer verscholen langs de rand van een bosje. Hoewel wij mensen goed moeten zoeken ruikt een andere vos het meteen.

Vossenpoep (Vulpus vulpus) met haar van konijn en muizen.
Vossenpoep (Vulpus vulpus) met haar van konijn.

Vossen eten voornamelijk konijnen en muizen in het duin en dat is in de meeste drollen ook wel terug te zien. Deze zitten vol haar en worden indien zij al wat ouder zijn spierwit en bros. Deze drol is waarschijnlijk 100% konijn aangezien er nergens kleine botjes of schedeltjes te vinden waren. Als de vos ook muizen had gegeten, was dit wel het geval geweest. Op dat gebied lijkt de vossendrol op de braakbal van de uil waaruit je ook kan afleiden wat de vogel heeft gegeten. Met de vangst van een konijn heeft de vos trouwens een maal voor twee dagen. Meestal peuzelt hij eerst de kop en romp op en begraaft hij de rest voor later.

Vossenpoep (Vulpus vulpus) met duindoornbessen.
Vossenpoep (Vulpus vulpus) met de zaden van duindoornbessen.

In de herfst en winter foerageren de vossen net zoals vele vogels op de bessen van de duindoorn. Vooral in het buitenduin vind je vele duindoornstruiken en in de herfst dus ook veel drollen met zaden erin. Soms vind je zelfs onverteerde bessen in een drol.

Als je meer wilt weten over vossensporen kun je ook mijn oude blog over vossensporen lezen.